
Tweede deel documentaire Zusters Franciscanessen in première: ‘Het is een dynamische film geworden’
Algemeen 581 keer gelezenVEGHEL | Het tweede deel van de documentaire Zusters Franciscanessen gaat op zondag 4 oktober in première bij Industry Bioscoop Veghel, als onderdeel van documentairefestival Beholders.
Documentairemaker Michiel Kerkhoff noemt de datum ‘een prachtig toeval dat de cirkel rond maakt’, omdat het precies 800 jaar geleden is dat Franciscus van Assisi overleed, de naamgever van de Franciscanessen uit Veghel. Tijdens de première verzorgt Kerkhoff een introductie en gaat hij na afloop in gesprek met het publiek over het maakproces en de bijzondere band die hij met de zusters opbouwde.
Kerkhoff is al jaren betrokken bij Beholders en vond het festival een passend podium voor de première. Zijn relatie met de zusters ontstond toen hij de opdracht kreeg om vast te leggen hoe de Franciscanessen tegenwoordig leven. “Niemand had ooit laten zien hoe hun dagelijkse leven, zeker op latere leeftijd, er nu uitziet,” vertelt hij. De zusters waren vroeger actief in het ziekenhuis, de wijkverpleging en het onderwijs in de regio, maar leven inmiddels in een veel kleinere gemeenschap.
Om het leven van de zusters echt te begrijpen, wilde Kerkhoff dichterbij komen dan een gewone bezoeker ooit zou kunnen. “Als ik langs het gebouw fietste, vroeg ik me toch af wat er achter die muren gebeurt’’, zegt hij. Die vraag werd beantwoord toen hij voor deel 1 een uitzonderlijke toestemming kreeg: een volledige week intern leven in het klooster.
Wereld
Die week maakte diepe indruk. “Ik stapte echt hun wereld binnen’’, vertelt hij. Kerkhoff sliep in een oud zusterkamertje, at in de refter en volgde het dagelijkse ritme van de gemeenschap. De zusters bleken opvallend ontspannen voor de camera. “Ze reageerden niet anders zodra ik er met de camera bij kwam, dat maakte de beelden juist zo puur.”
Hij filmde intieme momenten, zoals een zuster die met haar rollator nog een glas melk opwarmt voor het slapengaan. Soms hielp hij zelf mee, bijvoorbeeld door het licht uit te doen wanneer een zuster al in bed lag. De nabijheid zorgde ervoor dat hij het contrast tussen hun serene leefwereld en de drukke maatschappij buiten de kloostermuren sterk voelde. “Ik zag twee werelden, en daarna moest ik weer terug naar die andere ‘hardere’ kant.”
Emotioneel afscheid
In deel één staat vooral het vertrek van de zusters uit het klooster centraal, een ingrijpend moment met veel emoties. Na ruim 180 jaar in dezelfde gemeenschap moesten zij hun vertrouwde omgeving verlaten. Kerkhoff zag hoe herinneringen, rituelen en verbondenheid een rol speelden in dit proces. De zusters verhuisden tijdelijk naar Wijbosch. “Voor religieuze vrouwen is het verlaten van hun klooster enorm zwaar’’, benadrukt hij.
Deel twee: leefgoed, sloop en wederopbouw
In deel twee verschuift de focus naar het Kloosterkwartier, waar oude gebouwen werden gesloopt en nieuwe appartementen ontstonden. De centrale boodschap is het leefgoedconcept, een sociaal hart van de wijk waarin buurtverbinders, vrijwilligers en activiteiten samenkomen. Volgens Kerkhoff is het ‘een moderne vertaling van het gedachtegoed van de zusters’, waarbij zorg, gemeenschap en nabijheid opnieuw vorm krijgen.
Hoewel de zusters een kleinere rol spelen dan in deel één, blijven ze verweven met het verhaal. “Het is nu zo’n 70 procent Leefgoed en 30 procent zusters”, legt hij uit. Ze keren terug bij belangrijke momenten, zoals de eerste steenlegging, jubilea en bezoeken van Indonesische zusters. Hun aanwezigheid vormt een rode draad door de documentaire.
Vrijwilligers als drijvende kracht
Een belangrijk onderdeel van het leefgoedconcept is de inzet van vrijwilligers. Volgens Kerkhoff is dat ook een reden geweest dat koningin Máxima het project bezocht. "Ik denk dat ze vooral is afgekomen op de enorme inzet van vrijwilligers,” zegt hij. In het Kloosterkwartier worden soepmomenten, eetmomenten en andere activiteiten georganiseerd voor buurtbewoners, waardoor een hechte saamhorigheid is ontstaan.
Die sociale betrokkenheid sluit naadloos aan bij wat de zusters voor ogen hadden toen zij hun gebouwen verkochten. "We geven alles weg, maar het moet wel in ons gedachtegoed terugkomen’’, was hun wens. In deel twee is goed te zien hoe dat gedachtegoed is omgezet in een wijk waar mensen elkaar helpen, waar verbinding centraal staat en waar het sociale hart voelbaar blijft. De dynamiek van de film sluit daarbij aan: "Deel twee is echt een dynamischer film geworden”, aldus Kerkhoff. "Het sociale karakter, dat leefgoed, dat vind ik het mooiste onderdeel.”
Scriptloos en volledig zelfstandig
Kerkhoff werkt vrijwel altijd zonder script. "Als je alles vastzet, is er geen ruimte meer voor spontaniteit,” zegt hij. Hij filmt, monteert en produceert zelf, waardoor hij volledige creatieve vrijheid heeft. Pas wanneer een documentaire helemaal af is, laat hij opdrachtgevers kijken. "Ik wil dat ze de volledige beleving krijgen.”
Voor deel twee volgde hij het proces ruim twee jaar lang. “Het was een proces”, vertelt hij. “Alleen al ben je een week bezig om alles uit te zoeken en te spotten. Daarna begint de echte montage.” Door steeds terug te keren op belangrijke momenten, van sloop tot nieuwbouw, kon hij het volledige verhaal van de transformatie vastleggen.
Impact op Veghel
Deel één werd eerder al vertoond in Industry en trok vier volle zalen. Tijdens de première op 4 oktober worden beide delen achter elkaar vertoond. Het Kloosterkwartier is volgens Kerkhoff ‘een uniek project in Nederland’. Een klooster dat wordt omgebouwd tot sociale huurwoningen, waarbij ruimte is gemaakt voor vijftig appartementen én het gedachtegoed van de zusters behouden blijft, komt zelden voor. Hij voelt dankbaarheid dat hij dit proces mocht vastleggen. "Het is zo’n speciale materie. Je voelt de vibe die daar hangt.”
















