
Carmen
Column 52 keer gelezenDe telefoniste/receptioniste is vooraan in de twintig. Een in mijn ogen heel mooi meisje. En dat weet ze zelf ook. Maar ze is niet verwaand, integendeel, en heel erg vriendelijk en behulpzaam. En als ze daar langs die wand met ruiten loopt in haar fraaie jurkje, dan bekijkt ze haar spiegelbeeld, schudt ze haar haren naar achter en woelt er met haar hand doorheen: Carmen!
Samen met Wim, die knaap uit de Bible Belt en zeer fijn christelijk, ben ik een klus aan het doen. Dan, tussen de middag, even een boterhammetje etend, klinkt het tak tak tak, haar pumps met naaldhakken in die gang.
Ik steek mijn vinger in de lucht en zeg met opgetrokken wenkbrauwen: “Daar komt Carmen, Wim!” Die trekt een frons en kijkt me aan met een blik of hij me van hel en verdoemenis wil redden: “Vrouwen zijn geen lustobjecten Leo.”
En ik moet even nadenken wat ik hierop ga antwoorden. Ik pak hem op zijn gevoelige plek. “Wim, elke avond dank ik onze lieveheer op mijn blote knieën dat hij zo gul was en zoiets moois schiep voor de man.” Het kost even voor die opmerking binnenkomt bij Wim. Ondertussen staart hij naar een punt in de verte. En dan de opmerking: “Zo heb ik het nog nooit bekeken.” Zijn peinzende blik ijlt nog even na.
De deur van mijn kantoor zwaait open en daar kom Peter binnen. Hij is vergezeld van Frederique, een dame die het Carmen in een beautycontest heel erg moeilijk gemaakt zou hebben.
Frederique is zo’n vrouw die het voor elke man alleszins de moeite waard maakt het risico te nemen een blauwtje te lopen. Peter maakt er geen geheim van dat hij heel erg trots is op zijn mooie vriendin. Afijn, hij komt voor een auto. “Het moet iets aparts zijn en in Helmond heb ik het niet gevonden.” Met dit jonge stel drink ik koffie terwijl ik hen vertel dat ik precies de auto heb staan die zij zoeken. “Lijkt me sterk”, weet Peter. Een beetje tijdrekken en zo de spanning wat opvoeren, het werkt! “Nou is het mooi geweest. Ik wil die auto zien!” Samen lopen we naar die rode 320 met zijn verlaagd onderstel en die ‘vette’ wielen eronder. Zoals ik al eerder vertelde in mijn verhaaltje ‘Taxatie’, het stuurde ‘klote’ en had voor geen meter comfort! Maar ik vond dat ding er zo ook wel best blits uitzien.
Duitsers hebben daar een mooi woord voor dat in het Nederlands nogal ordinair klinkt. Hij zocht niet verder. De rijcapaciteiten, het karakter van de auto, waren van ondergeschikt belang. Het smoeltje telde! Verkocht!
Een jaartje zijn we verder als Peter me vertelt dat die schoonheid van Frederique toch maar een heel dun laagje was. Wat belangrijker bleek was haar karakter. En dat viel toch wat tegen! Daar verloor Frederique het pleit van Carmen. Peter nam afscheid van Frederique.
En het rijkarakter van zijn rode 320? Dat nam Peter voor lief.
- Leo van der Heijden uit Veghel schrijft wekelijks een column over gebeurtenissen uit zijn leven.















