
Bouwen-bouwen-bouwen?
Column Column Hans van der Wijst Column Hans van der Wijst 225 keer gelezenHeeft Meierijstad de leeftijdsopbouw van z’n inwoners goed in beeld? In alle kernen op een rijtje wat wérkelijk nodig is qua woningbouw? Wordt er voldoende geluisterd naar woningzoekenden als het gaat om hun gewenste type woning? Wérkelijk geluisterd naar hen die kleíner willen gaan wonen? Houdt men ten stadhuize, in samenspraak met de bewoners per kern, de bouwregie wel strak genoeg in handen?
Mijn indruk is dat dat níet het geval is. Dat er veel te veel wordt bepaald door projectontwikkelaars met een door landelijke en provinciale overheden (of zelfs door Brainport) aangezwengelde bouwen-bouwen-bouwen-strategie. Is niet zo moeilijk vast te stellen. Bezoek maar eens een gemiddeld nieuwbouwproject in je woonkern. In mijn geval Veghel. Ik ben geen bouwspecialist, maar het zijn toch vooral eengezinswoningen die her en der verrijzen. En dat terwijl meer dan 60 procent van de Nederlandse woonvoorraad al uit eengezinswoningen bestaat volgens onderzoek van ABN Amro. In absolute aantallen zijn dat 5,2 miljoen van de 8,3 miljoen huizen in Nederland. Terwijl er slechts 2,6 miljoen gezinnen zijn. Een enorm overschot dus. En maar bouwen-bouwen-bouwen in dat segment. Heeft Meierijstad ook al een overschot? Er zelfs maar zicht op?
Als jonge babyboomers wonen mijn vrouw en ik in een best grote twee-onder-één-kapper. Onze meiden zijn allang het huis uit. Als ‘ze’ aan ons zouden vragen (maar dat gebeurt helaas nooit…) of we bereid zijn om op niet al te lange termijn kleiner te gaan wonen, is ons antwoord positief. Op de vraag in wát voor een huis (doen ze ook nooit) zou ons antwoord zijn: ‘Maatje kleiner, wat lager, mét een tuin(tje) erbij.’ Omdat onze enorme generatie echter zelden iets gevraagd werd/wordt zitten talloze boomers té lang in té grote huizen. Van de ouderen tussen de 65 en 74 jaar woont 70 procent momenteel in een eengezinswoning. Tussen nu en 2050 zullen meer dan 900.000 woningen vrijkomen doordat eigenaren overlijden. Gevolg: overaanbod van eengezinswoningen, verdere scheefgroei van de woningmarkt, leegstand en waardedalingen.
Overheid, investeerders en ontwikkelaars moeten veel meer kijken naar eenpersoons- en ouderenwoningen. Ook mét tuinen! Dergelijke woningen zijn natuurlijk niet exclusief voorbehouden aan gezinnen. Ik moet er als eind zestiger niet aan denken in een appartement of flat zónder tuin te moeten wonen. Aan kleiner wonen wél. Denk aan hofjes, coöperatieve bouwprojecten met woningen op maat, woningsplitsing. Luister naar je inwoners. Denk demografisch én onderzoek-gestuurd. Niet alleen maar aan bouwen-bouwen-bouwen…


















