
Gildebroeders vervullen belangrijke rol bij Dodenherdenking Veghel: ‘Het voelt elke keer als een grote eer’
Algemeen 152 keer gelezenVEGHEL | Het Sint Barbaragilde begeleidt op waardige wijze de stille tocht en de herdenking bij de monumenten. Van oudsher waakt het gilde over orde en veiligheid binnen de lokale gemeenschap. Die traditie krijgt op 4 mei een bijzondere betekenis. De gildebroeders ervaren hun bijdrage aan de Veghelse Dodenherdenking als eervol en dragen dat ook zichtbaar uit. Dat gevoel is ieder jaar opnieuw duidelijk merkbaar tijdens de herdenking in Veghel.
Een belangrijke rol bij de monumenten is weggelegd voor Mark Callaars, die al bijna twintig jaar als vaandrig fungeert. Frank-Jan van Zutven vervult al zo’n vijftien jaar de functie van hoofdtamboer, terwijl Ruud Eekhof als oud staande deken van het Sint Barbaragilde eveneens nauw betrokken blijft.
Vaandrig
Mark Callaars noemt zich met trots: De vaandrig van het Gilde. Hij vertelt er enthousiast over. “Tijdens de Dodenherdenking mag ik bij de monumenten De groet met het vaandel brengen. Dat voelt als een grote eer. Samen met tamboer Frank-Jan willen we dan vooral respect uitstralen. Elk jaar wil ik proberen iets extra’s te doen. Het is zwaar werk. Het vaandel is 2x2 meter en weegt ongeveer 12 kilo. Als hij nat wordt, is hij nog zwaarder.”
Iedereen herkent zijn waardige uitstraling wanneer hij geconcentreerd het grote, zware doek laat draaien. Met grote precisie voorkomt hij dat het vaandel de grond raakt, iets wat volgens de gildetraditie absoluut niet mag gebeuren. Die traditie neemt hij zichtbaar serieus. Met passie en controle houdt hij het vaandel in beweging, zodat het geen moment de grond raakt. En met een glimlach zegt hij daarover resoluut: “Bij mij zal dat nooit gebeuren.”
Het voelt voor hem als een eer om bij de herdenking zo’n zichtbare rol te vervullen. “Ik heb een belangrijke en zichtbare rol. Dat voelt als een eer, maar ook als een grote verantwoordelijkheid. Ik wil het waardig en zo goed mogelijk doen. Je mag gerust weten dat ik op zo’n moment lichtelijk nerveus ben.”
Hoofdtamboer
Frank-Jan van Zutven is hoofdtamboer bij het Sint Barbaragilde. Hij was dertig jaar lid van de fanfare in Eerde. Daar leerde hij noten lezen en marsen spelen. Ook bij het Gilde oefent hij nog regelmatig. Nu is hij zelf ook gediplomeerd instructeur. Tijdens de Stille Tocht is Frank-Jan de Trekker: hij geeft het tempo aan.
Frank-Jan vertelt: “Het Gilde marcheert daarbij niet, het schrijdt. Normaliter is dat een tempo van 90 slagen per minuut. Maar tijdens de Stille Tocht is dat nog wat lager, zo rond de 60 slagen per minuut. Een gedragen tempo, wat bijdraagt aan de ingetogenheid. Ik weet of ik te langzaam of te snel ga, dat zit door ervaring in mijn hoofd. Maar het is iedere keer toch weer een uitdaging om dat precies vast te houden.”
Oud staande deken
Voor Ruud Eekhof voelt het als een eer om als ceremoniemeester achter het spreekgestoelte te staan. “Ik vind het heel belangrijk om alles waardig te laten verlopen. Ik wil dat mensen beseffen dat het echt ergens over gaat. Dodenherdenking na de oorlog: mensen moeten dat goed vóelen. De wijze waarop we dat overbrengen lukt. Elk jaar komen er meer mensen.”
Ruud ervaart het nog altijd als spannend. De Stille Tocht moet op tijd bij de monumenten aankomen, de twee minuten stilte en het slaan van de klok moeten naadloos op elkaar aansluiten. “Het goed uitspreken van alle namen van de kransleggers en de leerlingen van de Bernadetteschool die daarbij helpen, is heel belangrijk. Ik oefen met mezelf en maak kleine aantekeningen. Het contact met de school is daarin erg belangrijk,” aldus Ruud.
Ruud heeft veel bewondering voor de gedrevenheid waarmee de leerkrachten van de Bernadetteschool de leerlingen van groep 8 voorbereiden op de kranslegging. Evenals voor de respectvolle manier waarop de leerlingen betrokken zijn bij de kranslegging en het voordragen van het gedicht.
Een grote eer
De drie gildebroeders Mark, Frank-Jan en Ruud zijn het er alle drie over eens: het blijft bijzonder om deze rol te mogen vervullen. “Het voelt iedere keer weer als een grote eer om op deze manier een bijdrage te mogen leveren aan de jaarlijkse Dodenherdenking in Veghel”, besluiten ze gezamenlijk.















