Barend Andriesse, burgemeester Kees van Rooij en Renée Wolf-Pinto.
Barend Andriesse, burgemeester Kees van Rooij en Renée Wolf-Pinto. Foto:

Herdenken om te waarschuwen en te leren: Holocaustherdenking in Veghel met Barend Andriesse

Algemeen 1.260 keer gelezen

VEGHEL | In Veghel vond dinsdagmiddag een Holocaust herdenking plaats. Barend Andriesse, de laatste in Veghel geboren Joodse overlevende van de Holocaust, was hiervoor speciaal naar Veghel afgereisd. 

Burgemeester Kees van Rooij hield een toespraak tijdens de Holocaustherdenking in Veghel. Aansluitend gaf Barend Andriesse een inleiding over Joodse rituelen die verbonden zijn aan Joodse monumenten. Daarna droeg kinderburgemeester Layla van den Bosch een gedicht voor. Ook de namen van de zeventien vermoorde Veghelaren werden voorgelezen.


Barend Andriesse, burgemeester Kees van Rooij en Renée Wolf-Pinto.

Bij het monument in de Kolonel Johnsonstraat legden Van Rooij, Renée Wolf-Pinto en Andriesse ieder een steentje neer en gezamenlijk een bloemenkrans. Andriesse gaf na afloop aan blij te zijn met de grote aandacht voor de Holocaustherdenking. „Het is en blijft een bijzondere dag”, zei hij. Over zijn verhaal over Joodse rituelen merkte hij op: „Ik vond het eerlijk gezegd in eerste instantie niet zo’n heel interessant onderwerp, maar voor de bezoekers bleek dat toch anders. Of ze deden alsof”, glimlachte Andriesse.

‘Deportatie veranderde in vernietiging’
In zijn toespraak sprak burgemeester Van Rooij over een van de donkerste hoofdstukken uit de menselijke geschiedenis. “We herdenken de zes miljoen Joden, en alle andere vervolgden, die tijdens de Holocaust zijn vermoord. We spreken hun namen uit, we bewaren hun verhalen en we erkennen het onvoorstelbare leed dat hen en hun families is aangedaan.” Volgens Van Rooij was de Holocaust geen spontane uitbarsting van haat. “Het was een proces”, vertelt hij. “Een proces waarin gewone mensen stap voor stap hun morele kompas verschoven. Waarin woorden veranderden in wetten. Waarin uitsluiting veranderde in deportatie. En waarin deportatie veranderde in vernietiging.”

De burgemeester trok daarbij een parallel met de huidige tijd. “Wanneer we terugkijken op de Holocaust lijkt de afstand tot onze eigen tijd soms groot. Maar hoe groot is die nou echt?”, vroeg Van Rooij zich hardop af. “De oorlogen van vandaag waarin we tienduizenden tot honderdduizenden doden betreuren, hoezeer verschillen die met toen, hoe verhouden wij ons daar op dit moment toe? Het is verleidelijk om te denken dat wij anders zijn. Dat wij nooit zouden meewerken. Maar is dat wel zo? Moeten we niet eerlijk zijn? Moeten we niet erkennen dat de grens tussen goed en kwaad niet loopt tussen ‘wij’ en ‘zij’, maar dwars door ieder mens heen. We zien hoe taal opnieuw verhardt. Hoe mensen gereduceerd worden tot labels, hoe wantrouwen groeit tussen groepen die elkaar niet eens of nauwelijks kennen, hoe het idee ontstaat dat sommige levens minder waard zijn dan andere”, aldus Van Rooij. Volgens hem begint waakzaamheid niet alleen bij extreme situaties, maar juist ook bij subtiele uitingen als genormaliseerde grapjes, weggewuifde uitsluitingen en stiltes bij vernedering.

Weerstand bieden
Van Rooij deed tot slot een nadrukkelijk beroep op iedereen. “Wanneer we zien dat mensen worden weggezet als minderwaardig, moeten we spreken. Wanneer we merken dat groepen worden uitgesloten, moeten we handelen. Wanneer we voelen dat angst en wantrouwen worden aangewakkerd, moeten we weerstand bieden. Wanneer we merken dat het gemak van zwijgen groter lijkt dan de moed van spreken, moeten we ons herinneren wat er gebeurt als te veel mensen zwijgen.” Burgemeester Van Rooij benadrukte dat de geschiedenis ons niet alleen waarschuwt, maar ons ook inspireert om het anders te doen.

Werkgroep Dodenherdenking Veghel
De bijeenkomst werd georganiseerd door de Werkgroep Dodenherdenking Veghel. “We zijn voornemens om de Holocaust herdenking ieder jaar te houden op 27 januari, dat is immers de Internationale Herdenkingsdag voor de Slachtoffers van de Holocaust”, besluit Frits Sanders namens de werkgroep.

Hieronder is de volledige toespraak van burgemeester Kees van Rooij terug te lezen:

Dames en heren,

Vandaag staan we stil bij een van de donkerste hoofdstukken uit de menselijke geschiedenis. We herdenken de zes miljoen Joden, en alle andere vervolgden, die tijdens de Holocaust zijn vermoord. We spreken hun namen uit, we bewaren hun verhalen en we erkennen het onvoorstelbare leed dat hen en hun families is aangedaan.

Hannah Arendt schreef: “De Holocaust werd voltrokken door heel gewone, vriendelijke mensen.” Niet door monsters uit een andere wereld. Niet door figuren die we gemakkelijk kunnen wegzetten als onmenselijk. Maar door mensen die leken op onze buren, onze collega’s, onze familieleden en soms misschien zelfs op onszelf.

Wat Arendt liet zien, is dat het kwaad niet altijd schreeuwt. Het fluistert. Het kwaad komt niet altijd met geweld binnen. Soms sluipt het naar binnen via gehoorzaamheid, via gemakzucht, via het verlangen om erbij te horen. Soms sluipt het binnen doordat men wegkijkt. Door te denken dat iemand anders, die dat veel beter kan, wel op zal staan.

De Holocaust was geen spontane uitbarsting van haat. Het was een proces. Een proces waarin gewone mensen stap voor stap hun morele kompas verschoven. Waarin woorden veranderden in wetten. Waarin uitsluiting veranderde in deportatie. En waarin deportatie veranderde in vernietiging.

Wanneer we terugkijken op de Holocaust lijkt de afstand tot onze eigen tijd soms groot. Maar hoe groot is die nou echt? En als we eerlijk zijn, dan zien we dat de mechanismen die toen bestonden, ook vandaag bestaan: in nieuwe vormen en met nieuwe woorden maar met dezelfde onderliggende dynamiek.

De oorlogen van vandaag waarin we tienduizenden tot honderdduizenden doden betreuren, hoezeer verschillen die met toen, hoe verhouden wij ons daar op dit moment toe?

Het is verleidelijk om te denken dat wij anders zijn. Dat wij nooit zouden meewerken. Maar is dat wel zo? Moeten we niet eerlijk zijn? Moeten we niet erkennen dat de grens tussen goed en kwaad niet loopt tussen “wij” en “zij”, maar dwars door ieder mens heen.

We zien hoe taal opnieuw verhardt. Hoe mensen gereduceerd worden tot labels, hoe wantrouwen groeit tussen groepen die elkaar niet eens of nauwelijks kennen, hoe het idee ontstaat dat sommige levens minder waard zijn dan andere.

Het zijn niet alleen de extreme situaties die ons waakzaam moeten maken, maar juist ook de subtiele uitingen. De grapjes die normaliseren, de uitsluiting die weggewuifd wordt, de stilte die valt wanneer een ander vernederd wordt, onze vermoeidheid en misschien ook wel angst die ons ervan weerhoudt te reageren. En dat, dat is de kern waarvoor Ahrendt ons waarschuwt: het kwaad begint niet met haat, maar met onverschilligheid. Met gewone mensen die allemaal denken dat hun niets doen, hun zwijgen, geen verschil maakt.

Wanneer we zien dat mensen worden weggezet als minderwaardig, moeten we spreken. Wanneer we merken dat groepen worden uitgesloten, moeten we handelen. Wanneer we voelen dat angst en wantrouwen worden aangewakkerd, moeten we weerstand bieden. Wanneer we merken dat het gemak van zwijgen groter lijkt dan de moed van spreken, moeten we ons herinneren wat er gebeurt als te veel mensen zwijgen.

Vandaag herdenken we de Veghelse Holocaust slachtoffers. Maar we doen meer dan dat. We leggen een belofte af: aan hen, aan elkaar en aan de generaties die na ons komen. De belofte dat wij alert blijven. Dat wij onze menselijkheid bewaken. Dat wij niet wegkijken wanneer anderen worden vernederd, bedreigd of ontmenselijkt. Dat wij nooit vergeten dat het kwaad niet begint met daden, maar met gedachten. En dat het wordt voltrokken door mensen die ooit dachten dat zij gewoon hun werk deden.

De Holocaust werd voltrokken door heel gewone, vriendelijke mensen. Onze toekomst wordt ook gebouwd door heel gewone, vriendelijke mensen. Door mensen zoals jij en ik. Ik spreek de hoop uit dat onze vriendelijkheid niet passief is, maar ook moedig. Dat deze niet stil is, maar waakzaam. En dat deze niet vrijblijvend is, maar vastberaden.

Ik spreek de wens uit dat de herinnering aan de miljoenen slachtoffers ons hart verzachten. Dat de geschiedenis ons niet alleen waarschuwt, maar ook inspireert om het anders te doen. Dat de waarschuwing van Arendt ons geweten aanscherpt. En dat onze gezamenlijke waakzaamheid ervoor zorgt dat ‘nooit meer’ geen wens blijft, maar een werkelijkheid.

Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Barend Andriesse, burgemeester Kees van Rooij en Renée Wolf-Pinto.
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Laatste nieuws

Werkzaamheden aan het hoofdveld van de Veghelse voetbalvereniging (Foto's: Gerard Beekmans).
Blauw Geel’38 pakt accommodatie aan met nieuw kunstgras en groot onderhoud Algemeen 2 uur geleden 1
Afbeelding
Studenten voeren eerste verkeerscontrole uit in Veghel 112 4 uur geleden 3
Afbeelding
Auto vliegt tijdens rit in brand in Heeswijk-Dinther 112 5 uur geleden
Deze foto werd gemaakt op de Knokert in Veghel.
Bijzondere zonsverduistering zorgt voor prachtige beelden Algemeen 7 uur geleden 4
De gemeente erkent dat het afgesproken kwaliteitsniveau niet altijd en overal wordt gehaald.
Vakantieperiode zorgt voor achterstand in groenonderhoud: ‘In oktober weer op niveau’ Algemeen 9 uur geleden
Wouter van der Linden uit Veghel is de drijvende kracht achter Gebruik je Hersens.
Uitzwaai Wandeltocht zamelt geld in voor onderzoek naar hersentumoren Algemeen 10 uur geleden

Uit de krant